leerovereenkomst

Leerovereenkomst

Andrei Soare

0870507

NB!

Dit is een groeidocument. Op dit moment zijn leerdoel 1, leerdoel 2 en deels leerdoel 5 uitgewerkt.

 

Inhoud

Inhoud

Inhoud. 2

Voorwoord. 3

Leerdoelen: 5

Hoofddoel: 5

Leerdoelen. 6

Onderwijs is leren. 6

Onderwijsleerbedrijf – Wat is? Hoe werkt? Is er iets voor ONS?. 9

Onderwijs ontwikkelen – Hoe doe je dat?. 10

Onderwijs: van en voor de maatschappij 11

Voorwoord

Ik ga hieronder omschrijven de kader waarin ik me bevind en waaruit ik ga werken tijdens de opleiding Master Leren en Innoveren aan de Hogeschool Rotterdam.

In het dagelijks leven ben ik docent op de ICT opleidingen aan het Hoornbeeck College in Rotterdam. Deze MBO school heeft nog andere 4 locaties (Amersfoort, Appeldoorn, Goes en Kampen) waarvan op 2 andere locaties ook ICT opleidingen aanwezig zijn(Amersfoort en Kampen). Op de locatie Rotterdam is er een team van 5 docenten en gemiddeld 100 studenten betrokken bij deze opleiding.

Tegelijkertijd ben ik ook student aan de master opleiding Leren een Innoveren aan  de Hogeschool Rotterdam. Tijdens deze opleiding wordt verwacht van mij dat ik mijn eigen leeragenda opstelt en verwerkt in een leerovereenkomst. Daarmee krijg ik de mogelijkheid om het ‘leerlandschap’ persoonlijk in te kleuren. De inkleuring wordt weergegeven in dit document en is afhankelijk van mijn persoonlijke interesses, de mogelijkheden die ik tegen kom en krijg in mijn beroepscontext (ICT opleidingen bij het Hoornbeeck College in Rotterdam) en de reeds eerder gerealiseerde competenties en kwaliteiten.

Als deelnemer van dit master traject maak ik deel uit van Leerteam 1. Samen met de andere deelnemers van mijn leerteam en de rest van de collega’s zal ik de route door het ‘leerlandschap’ bepalen. Elk leerteam heeft een coach. Elke student heeft ook een coach. Mijn coach is mevr. Freddy Veltman-van Vugt.

Na het volgen van de eerste 2 middagen en avonden op de Hogeschool Rotterdam is mij duidelijk geworden welke is de opbouw van deze studie. Na een korte Oriëntatie sessie, waarin dit document opgesteld wordt – zie hierboven, gaan we verder met de 5 leerarrangementen.  De leerarrangementen zijn nauw verbonden met aspecten van de beroepspraktijk. De probleemstellingen waaraan wordt gewerkt in het kader van de leerarrangementen zijn gerelateerd aan en afkomstig uit mijn eigen beroepssituatie. Bij alle leerarrangementen zal ik literatuur- en veldonderzoek verrichten. De resultaten hiervan zal ik vertalen naar concrete acties in de praktijk, die geëvalueerd zullen worden op hun effectiviteit nadat ze geïmplementeerd zullen zijn. Aan het eind van elk leerarrangement zal ik reflecteren in hoeverre de kwaliteiten en competenties en bijbehorende indicatoren heb ontwikkeld. Per leerarrangement zal ik op basis van een praktijkgerichte probleemstelling en/of informatiebehoefte een onderzoeksopzet formuleren. D.m.v. literatuuronderzoek, verzamelen, analyseren en interpreteren van de gegevens zal ik verslag doen van de onderzoeksresultaten. Hierbij zal ik ook aangeven welke is de betekenis van de resultaten voor het praktijkgerichte probleem.

In dit document is te zien dat de complexiteit van vraagstukken neemt toe om als uiteindelijk te culmineren met een eindonderzoek dat het hoofddoel zal verduidelijken.

Om wat meer saamhorigheid aan dit document te geven zal ik een 4 tal motto’s (adagia) formuleren. Ze zijn bedoeld om door middel van 2 of 3 woorden de inhoud van de leerarrangement samen te vatten. Misschien ook een titel te geven aan de veldonderzoeken die gehouden zullen worden?! Wie weet. Ze zullen zeker een rol spellen in het uitvoeren van deze veld onderzoeken en in het bestuderen van de literatuur.
In vervolg wil ik omschrijven “grosso modo” welke structuur ik ga volgen. Voor mij is duidelijk geworden dat als ik het maximale synergie uit deze opleiding wil halen en ook dat de organisatie waar ik voor bezig ben bij gebaat is aan deze opleiding dat de vijf leerarrangementen heel nauw verbonden zijn. De eerste vier leerarrangementen zijn groei opdrachten en de resultaten daarvan zullen ten dienst komen van het eind onderzoek dat uitgevoerd zal worden in de vijfde leerarrangement. Schematisch kan dat als volgt weergegeven worden:

Zoals van deze schematische weergave gezien kan worden en zoals hierboven ook een keer genoemd,  de complexiteit van de vraagstukken neemt toe in 3 dimensies:

–          Horizontaal: van de situatie op de werkvloer (lokaal) naar de integratie binnen de maatschappij (buiten de school)

–          Verticaal: van onderzoekvraag lokaal (hoe leert men) via organisatie vraagstuk (opzetten BBL opleiding) naar maatschappelijk vraagstukken (integratie en extraversie docenten extern).

–          Diepte: van lokale impact naar impact in de maatschappij.

We kunnen dit alles weergeven als volgt:

Verder in dit document zal ik de volgende structuur willen volgen voor elk onderdeel:

o   Motto

  • Leerdoel – uiteenzetten van het leerdoel
  • Doelstelling – de leerarrangementen omschrijven en het verband met mijn leerdoel.
  • De rollen – opsommen op welke manier ik bepaalde rollen ga aankleden in het uitvoeren van de activiteiten die tot het behalen van de leerdoel zullen leiden
  • De competenties en indicatoren – welke competenties ga ik gebruiken en welke competenties zal ik verwerven tijden het realiseren van het doel
  • Activiteiten – welke activiteiten ga ik uitvoeren.
  • Monitoring – welke zijn de punten waarop gelet kan worden en waarvan mijn groei te zien is

Leerdoelen:

Hoofddoel:

Van de studenten die cohort 2012-2013 van ICT opleidingen op het Hoornbeeck College in Rotterdam vormen, zal 80% een diploma halen aan het eind van de opleiding als zij de instructies van de leerkrachten volgen en inzet tonen.

Doelstelling: Ik wil me richten om dit doel te behalen in het uitvoeren van het onderzoek in LA5 – Praktijkgericht Onderzoek.

De rollen:

De competenties en indicatoren:

Activiteiten:

Monitoring:

 

Leerdoelen

Onderwijs is leren

Leerdoel:  De leerstof gaat aansluiting bij de kennis en de praktijkervaring van de leerlingen vinden en wordt – door op de studenten aangepaste leerproces – aangeboden.

Doelstelling: De situatie zoals die nu is omschrijven, de maatregelen die genomen moeten worden om de doelstelling te halen zal ik verwerken in LA1 – Zin in leren. In deze leerarrangement wordt  het leren van individuen, groepen en organisaties bestudeerd en wat de effecten daarvan zijn.

De rollen:

Een korte toelichting van de rollen waaraan ik wil gaan werken zijn:

  1. In eerste instantie die van de reflectieve practitioner. Ik denk, gezien de diversiteit aan materialen, aan methoden en aan curricula’ s, dat in eerste instantie goed is om afstand te gaan nemen van wat er bij mij bekend is en mezelf meer richten op het reflecteren en kijken naar de (onderwijs)processen vanuit een onderzoekende houding, die er op dit moment gebruikt worden en gaande zijn. Aan de andere kant is heel belangrijk om inzicht te krijgen in de manier waarop de leerlingen leren maar ook op de manier waarop de docenten leren. Op welke manier vind het transfer van de kennis plaats? Het is zeer nodig dat het onderzoeksmateriaal (dat er op dit moment bestaat in vorm van literatuur) helder en inzichtelijk gemaakt wordt. Mijn doel is om ook een gedegen analyse van de gegevens die ik zal vinden te kunnen maken en als tweede stap deze te kunnen vertalen naar de onderwijspraktijk.
  2. Als tweede die van een excellente leraar. De kennis die ik hierboven hoop te vergaren over het leren van studenten en collega’s  en de kenmerken van krachtige leeromgevingen die beschikbaar zijn voor deze groepen van diverse niveaus wil ik omzetten in een persoonlijke onderwijsvisie en deze aliëneren aan de onderwijsvisie van de school in de lijn (die bekent is): Hoofd – Hart – Handen. Het doel is dat de leerlingen en de leerkrachten inzicht krijgen in hun eigen manier van leren en de voordelen daarvan kunnen gebruiken in hun eigen proces van leren.
  3. En niet als laatste vanuit de rol van ondernemende ontwikkelaar. De onderwijsvisie waarover ik hierboven geschreven heb (bij een voldoende inhoud en kans op implementatie) zou bevorderend gaan werken aan het behalen van het hoofddoel dat hierboven genoemd is. Hiervoor zou de implementatie hiervan plaats moeten gaan vinden op een interdisciplinair niveau samen met collega’s en leidinggevenden in de school  en partijen uit de omgeving van de school (te denken valt de externen die voor gastcolleges zorgen binnen deze opleiding).

De competenties en indicatoren:

De competenties die ik wil inzetten en hiermee zal ontwikkelen en de indicatoren die in beschouwing worden genomen om de voortgang te kunnen aantonen zijn:

  1. Competentie op het niveau van reflectie en onderzoek. Indicatoren: 1 en 2

–          reflecteert kritisch op het eigen persoonlijk en professioneel handelen, onderkent en benoemt de invloed en gevolgen van het eigen handelen op anderen en verbetert zijn werkwijze voortdurend;

–          demonstreert continu een onderzoekende houding, stelt relevante, kritische vragen bij onderwijsontwikkelingen en de onderwijspraktijk, durft te experimenteren en weegt mogelijke voor- en nadelen van diverse werkwijzen systematisch tegen elkaar af.

  1. Competentie op pedagogisch niveau. Indicatoren: 1,2,3,4 en 7

–          past actuele kennis op het gebied van leren en innoveren toe; heeft kennis van en inzicht in relevante concepten, ideeën en onderwerpen;

–          levert een actieve bijdrage aan de ontwikkeling van een gemeenschappelijke pedagogische visie en pedagogisch beleid binnen de eigen onderwijsinstelling, brengt (verbeter)voorstellen;

–          stelt zich constructief kritisch op t.o.v. verschillende (pedagogische) theorieën, invalshoeken;

–          toont analytisch vermogen, combineert op beargumenteerde wijze inzichten uit verschillende theorieën, onderzoeken en de praktijk en vertaalt deze naar concrete mogelijkheden voor onderwijsontwikkeling binnen de eigen onderwijsinstelling;

–          houdt bij onderwijsontwikkeling expliciet rekening met verschillen tussen leerlingen, bijvoorbeeld wat betreft hun sociale/ culturele achtergrond, het niveau, leerstijlen en leervragen.

  1. Competentie op didactisch niveau. Indicatoren: 1 en 2

–          stelt zich constructief kritisch op t.o.v. de effectiviteit en kwaliteit van het bestaande onderwijs en t.o.v. onderwijsontwikkelingen (zowel nationaal als internationaal), overziet de didactische consequenties van ontwikkelingen en kan voor- en nadelen van verschillende benaderingen/werkwijzen benoemen en onderbouwen;

–          signaleert – op basis van recente kennis uit de onderwijsresearch en  inzichten uit ‘good practices’ – kansen en belemmeringen om de doelmatigheid en doelgerichtheid   van het onderwijs binnen de eigen onderwijsinstelling te verbeteren.

  1. Competentie op interpersoonlijk niveau. Indicatoren: 1,2,3 en 7

–          communiceert op heldere wijze over onderwijs(-ontwikkeling), herkent daarbij communicatiepatronen en zet gesprekstechnieken bewust in;

–          gaat bij zijn taakvervulling op verantwoorde en doelmatige wijze relaties aan en onderhoudt deze (met individuen, groepen en/of grotere sociale verbanden);

–          neemt initiatief en houdt in het handelen rekening met de belangen en verwachtingen en eisen van diverse stakeholders met betrekking tot het onderwijs en weegt deze belangen kritisch af;

–          neemt actief deel aan discussies (ook buiten de eigen organisatie) met betrekking tot leren en innoveren, educatieve, pedagogische en andere vraagstukken op het gebied van de beroepsuitoefening.

  1. Competentie op teamniveau. Indicatoren: 2 en 4

–          bewerkstelligt binnen de eigen onderwijsinstelling draagvlak voor onderwijsontwikkeling, licht ontwikkelingen toe en beargumenteert zijn visie op heldere wijze, toont daarbij overtuigingskracht;

–          demonstreert leiderschapskwaliteiten, geeft op effectieve wijze leiding aan gesprekken, overleg en vergaderingen van het onderwijsteam van de de eigen onderwijsinstelling.

  1. Omgevingscompetentie. Indicatoren: 1,4 en 5

–          volgt relevante actuele (nationale en internationale) onderwijsontwikkelingen en kan deze plaatsen in een bredere maatschappelijke en politieke context, vertaalt ontwikkelingen naar consequenties voor de eigen onderwijsinstelling;

–          toont originaliteit in het vinden van oplossingen, zoekt ook buiten de eigen context naar nieuwe concepten, ideeën en oplossingen, brengt deze in en weet deze over te brengen aan de betrokkenen;

–          gaat op effectieve wijze om met onverwachte gebeurtenissen en situaties.

Activiteiten die hiervoor zal uitvoeren zijn:

–          In kaart brengen van de lesmethoden die op dit moment gebruikt worden;

–          In kaart brengen van effectiviteit van de leerprocessen die plaats vinden binnen de opleiding;

–          Onderzoek doen naar de manier van leren van de studenten? Op welke manier leren de docenten? En op welke manier leer ik?

–          Opstellen van de aanbevelingen voor het verbeteren van de effectiviteit van de leerprocessen: van studenten, van docenten en niet als laatste van mij.

–          Deze aanbevelingen bespreken met mijn meerdere en daarna met mijn collega’s. met hun goedvinden proberen te implementeren zo snel mogelijk.

Monitoring vind plaats tijdens het uitvoeren van Leerarrangement 1. De punten waarop controle uitgevoerd gaat worden zijn:

–          Lijst met de lesmethoden

–          De flow van de leerprocessen

–          De resultaten van de enquêtes t.b.v. het onderzoek naar leren

–          Lijst aanbevelingen

–          Haalbaarheid rapport voor implementatie

–           

Onderwijsleerbedrijf

Leerdoel: Het realiseren van een Onderwijsleerbedrijf om d.m.v. externe opdrachten (extern:  vanuit het bedrijfsleven en/of non-profit organisaties) de studenten bekent te maken met het bedrijfsleven en/of stage plaats te bieden aan de cluster 4 studenten die geen stageplek kunnen vinden.

Doelstelling: Ik streef ernaar om dit leerdoel in LA2 – Uitdagend ontwerpen te kunnen uitvoeren. In deze leerarrangement wordt  het ontwerpen en ontwikkelen van onderwijs op een systematische manier bestudeerd en ik praktijk uitgevoerd.

De rollen:

De rollen vanuit ik wil gaan werken zijn:

Als eerste zou ik werken vanuit de rol van ondernemende ontwikkelaar

Om een terugblik te kunnen geven aan wat een onderwijsleerbedrijf kan toevoegen aan de onderwijs zoals dat gegeven wordt op het Hoornbeeck College in Rotterdam, zal ik werken vanuit de rol van reflectieve practitioner

De competenties en indicatoren:

Competentie op organisatorisch niveau

Activiteiten:

Monitoring:

 

Onderwijs ontwikkelen

Leerdoel: De ICT opleidingen samen met het Hoornbeeck College zijn in staat om een ICT BBL opleiding voor niveau 4 op te starten in de volgende twee jaar t.b.v. studenten die niveau drie afronden en willen doorstuderen.

Doelstelling: Afhandelen in LA3 – Begeleiden van vernieuwingen. In deze leerarrangement wordt invoeren van vernieuwingen in het onderwijs, rekening houden met de belemmeringen, risico’s maar ook met de bevorderende factoren aangetipt.

De rollen:  De rollen vanuit ik wil gaan werken zijn:

  1. Rol van begeleider en gesprekspartner voor collega’s
  2. Rol van excellente leraar
  3. Rol van ondernemende ontwikkelaar.

De competenties en indicatoren:

Activiteiten:

Monitoring:

 

Onderwijs: naar buiten

Leerdoel: Invoering van een docentenstage en de internationalisering van de docenten

Doelstelling: Ik zal me richten op dit doel tijdens het uitvoeren van LA 4 – De maatschappelijke context van onderwijs. De invloed die wordt uitgeoefend van grootstedelijke problematiek op het onderwijs maar ook op de leerkrachten (met hun competenties en karakter) op het opleiden van leerlingen tot beroepsbeoefenaars. Wat kan het bedrijfsleven hierbij betekenen (haalbaarheid van een docenten stage bv), hoe kunnen de Nederlandse docenten hun kennis en ervaring neerzetten in andere onderwijs systemen en/of dat wenselijk is.

De rollen:

De competenties en indicatoren:

Activiteiten:

Monitoring:

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s